Paddenstoelen

Naar begin

Cantharellen

Cantharellen

Swanenburg de Veye: Paddenstoelen

NMV



Caputcollege Mycologie

Machiel Noordeloos

Nog enkele
voorbeelden


Nog enkele
voorbeelden


... en zo

Basisboek Paddenstoelen

Mykoweb

Naar boven


Paddenstoelen als hobby

Hoe kom je nou aan een hobby paddenstoelen? Dat kan natuurlijk op verschillende manieren, maar ik zal vertellen hoe het bij mij gegaan is.

Het begint op 2 oktober 1970, als ik in het tijdschrift Ouders van Nu een artikel lees over paddenstoelen. Dat herinnerde mij aan mijn jeugd toen ik met een vriend de bossen afstruinde op zoek naar Cantharellen (Cantharellus cibarius), die mijn moeder dan verwerkte tot een heerlijk maaltje. Bij die herinneringen hoort ook dat sommige bossen werkelijk geel zagen van deze heerlijke paddenstoelen.

Ik besluit nog een keer zo’n tocht te maken met mijn zoon van 4 jaar en op 3 oktober trekken we richting de kasteelbossen in Heeze. Dat valt dus tegen. Er zijn niet veel paddenstoelen en al helemaal geen Cantharellen.  Een week later, op een prachtige herfstdag, ondernemen we met de hele familie nog een poging. Weer geen Cantharellen maar wel een aantal andere soorten, waaronder de Vliegenzwam, die er werkelijk prachtig uitzien.

De belangstelling voor deze wonderlijke schepselen der natuur is gewekt en zal, zij het met wisselende intensiteit, tot op de dag van vandaag in stand blijven.  

Thijsse: Paddenstoelen

De eerste hulpjes bij het bestuderen en het op naam brengen van de gevonden soorten zijn het Verkade-album (deze aanduiding zal bij de oudere lezers direct allerlei herinneringen oproepen) Paddenstoelen van Dr. Jac. P. Thijsse (1929) en het boekje Paddenstoelen van G.D. Swanenburg de Veye (datum?). Deze worden spoedig daarna aangevuld met het reeds in de Inleiding vermelde Paddenstoelenboek deel 1 en 2 (1935) van Cath. Cool en Dr. H.A.A. van der Lek. 

Deze boeken zijn ware monumentjes van de Nederlandse paddenstoelbeschrijving.

Eind 1970 zoek ik contact met de Nederlandse Mycologische Vereniging (NMV) en op 9 januari 1971 bezoek ik de “Dag van Cuyk”, een ontmoetingsdag van (amateur-) mycologen.  Ik word lid van de NMV. en ook van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging (KNNV), en sluit mij aan bij de Paddenstoelenwerkgroep van de KNNV, afdeling Eindhoven.

De boekenverzameling wordt al snel uitgebreid met de Elseviers Paddestoelen Gids (1964, 1974) van Morten Lange, een boek met tekeningen, en later met de uitgebreide veldgids van Roger Phillips: Paddestoelen en schimmels van West Europa (1981). Onmisbaar voor het determineren van gaatjes- en houtzwammen zijn de boeken van Hermann Jahn: Mitteleuropäische Porlinge (1963, niet afgebeeld) en Pilze die an Holz wachsen (1979) en voor het microscopisch onderzoek van de plaatjeszwammen het boek van Meinhard Moser: Die Röhrlige und Blätterpilze (1967, 1978).

Elsaeviers Paddestoelen en Schimmels van West-Europa

Phillips: Paddestoelen en Schimmels van West-Europa

Jahn: Pilze die an Holtz wachsen

Moser:Die Rohrlinge und Blatterpilze

WM KNNV: De Geslachten der Agaricales

Coolia: Gasteromyceten

Onmisbaar zijn ook de Wetenschappelijke Mededelingen van de KNNV in de reeks De Fungi Van Nederland en natuurlijk de determinatietabellen en artikelen in Coolia, het lijfblad van de NMV en vernoemd naar een pionier op paddenstoelengebied in Nederland Catharina Cool.

In een reeks van jaren stop ik veel tijd stop in mijn hobby, als lid van de werkgroep maar ook alleen. Ik trek veel de natuur in, meestal in de weekends, soms met de hele familie en soms ook in  excursieverband en verzamel paddenstoelen voor nader onderzoek. Ik doe microscopisch onderzoek en maak beschrijvingen, al dan niet voorzien van tekeningen. In totaal noteer/beschrijf ik 1669 vondsten van in totaal 454 soorten. Ik bouw ook een droogkast en leg een herbarium aan.

Ik ontwikkel een computerprogramma voor het vastleggen van vondstgegevens (helaas nu niet meer bruikbaar) en compileer een mycologisch woordenboek uit alle gegevens die ik tegenkom in het groeiend aantal boeken dat ik aanschaf (zie literatuurlijst). In de jaren 80 vallen er in mijn activiteiten een paar grote gaten vanwege een drukke baan en een gezin met opgroeiende kinderen en in de jaren 90 beperken de activiteiten zich tot het genieten van paddenstoelen tijdens wandelingen en vakanties en (soms) het maken van notities. Begin jaren 80 ga ik mij ook interesseren voor het kweken van paddenstoelen en experimenteer hier wat mee. Maar ook dit komt stil te liggen.

Als ik 2000 met pensioen ga, zo denk ik, pak ik het allemaal weer op, maar dat loopt toch wat anders. Eind 2000-begin 2001 volg ik nog een Caputcollege Mycologie aan de Universiteit van Leiden (Nationaal Herbarium Nederland), gegeven door Machiel Noordeloos (bezoek zijn zeer informatieve site!) e.a.. Dit is bijzonder leerzaam (maar soms ook wat moeilijk voor een amateur), maar ik heb, mede doordat ik wat andere interesses heb gekregen, niet meer de motivatie om mij in groot detail met paddenstoelen bezig te houden. Wat ik ook nog doe in 2000 is het volgen van  een korte cursus in het kweken van paddenstoelen bij Blaak Specialty Mushroom Consultancy. Hier leer ik hoe je Oesterzwammen en Shiitake kunt kweken volgens een methode die zich leent voor huisteelt. En dat doe ik nog steeds. Mijn belangstelling voor paddenstoelen is, zij het op een wat andere wijze, dus nog steeds levend!

Maar nog even terug naar de beginjaren, die ik ervaar als een ware ontdekkingstocht! Voor het vastleggen van de eigenschappen probeer ik, gespeend van elk talent, tekeningen te maken, maar na geduldige oefening komt er uiteindelijk toch nog iets bruikbaars uit. Hier een paar voorbeelden: 

Marasmius oreades Scleroderma aurantium

Marasmius oreades
Weidekringzwam

Scleroderma citrinum
Aardappelbovist

 Later probeer ik het ook met pentekeningen:

Suillus variegatus
Fijnschubbige boleet
Trametes trogii
Bleke borstelkurkzwam

Aan het maken foto's heb ik mij nooit zo gewaagd. Ik vond eigenlijk dat de boeken mij al zoveel mooie plaatjes boden dat ik daar nauwelijks tegenop zou kunnen. Maar dat zou nu, in het digitale tijdperk, nog wel eens kunnen veranderen.

Beschrijvingen die ik maakte, zien er zo uit:

Beschrijving

Door de KNNV is in samenwerking met de NMV onlangs (2006) een uitermate handig boekje uitgegeven over het macroscopisch determineren van paddenstoelen. Het heet Basisboek Paddenstoelen en is geschreven/getekend door Nico Dam, Thom Kuiper en Marjo Dam. Een aanrader voor degenen die zich verder willen verdiepen in paddenstoelen.

Ik wil dit hoofdstuk besluiten met het noemen van twee meer recente, uitstekende boeken over paddenstoelen met, hoe kan het anders, zeer fraaie kleurenfoto's. Het betreft de Paddestoelen Encyclopedie van Gerrit J. Keizer (1998) en Der grosse BLV Pilzführer für unterwegs (1997) van Ewald Gerhardt. Het laatste is inmiddels ook in het Nederlands vertaald onder de naam De Grote Paddestoelengids voor onderweg.

Natuurlijk mag in de huidige tijd als informatiebron niet onvermeld blijven het Internet, waarop inmiddels een enorme hoeveelheid informatie te vinden is over paddenstoelen. Op deze plaats beperk ik mij tot één site die fraai is uitgevoerd en zeer veel nuttige informatie en fraaie foto's bevat: Mykoweb. In het hoofdstuk Links heb ik meer sites opgenomen.



Inleiding

Wat zijn het

Plaats in de natuur

Belang voor de
samenleving


Hobby

Kweken

Woordenboek

Literatuur

Bezienswaardigheden

Wetenswaardigheden

Links

Cool en van der Lek: Paddenstoelen

KNNV

KNNV, afdeling Eindhoven



Edwin Blaak





Naar begin
© MYCOFUN, 2007